IK HEB VRIENDEN DUS IK BEN

Ik heb vrienden dus ik ben

Ze kwamen ineens bij bosjes op mijn pad. En dat betekent meestal dat ik er iets over mag gaan schrijven.
Wie ‘ze’ zijn?
Mensen die op een bepaalde manier anderen nodig lijken te hebben om zeker te zijn van hun eigen bestaan.  Alsof de ander en de mening van de ander brandstof is voor ze. 
Het is iets wat mij de laatste tijd opviel en dan vooral bij alleengeboren tweelingen.
Hoe zit dat dan? Zijn die twee met elkaar gelinked?

Social Media

De waarde die vaak wordt gegeven aan het aantal vrienden of volgers op social media is verbazingwekkend in mijn ogen. Alhoewel, dat is niet helemaal waar, dat lieg ik. Een jaar of zes geleden hechtte ik er zelf ook nog veel waarde aan. “Yes, 2000 volgers op twitter, meer dan 1000 connecties op LinkedIn, al 500 likes op mijn facebook pagina….” Ik werd opgemerkt, gezien door de buitenwereld. Op een zekere manier had ik al die likes, volgers en vrienden nodig om zichtbaar te worden en te voelen dat ik er toe deed. Alsof ik mijn eigen bestaansrecht liet afhangen van al die mensen. ‘Ik heb veel volgers dus ik besta.’
Voor mijzelf is daar de afgelopen jaren veel in veranderd en hecht ik eigenlijk niet zo veel waarde meer aan al die virtuele ‘vrienden’ en doe ik wat ik doe omdat ik in mijzelf geloof. Het is fijn dat ik zo veel mensen weet te bereiken, maar ik houd de aantallen op al die media niet meer bij. Sterker nog, ik ben veel kritischer geworden in wie ik accepteer.

Ik herken het dus wel degelijk maar heb het achter me  kunnen laten. Juist omdat ik het ken valt het mij op dat veel alleengeboren tweelingen hun eigenwaarde af lijken te meten aan de mening van een ander. En dat er waarde wordt gehecht aan heel veel vrienden (op social media). Is het omdat die vrienden jou op een bepaalde manier laten voelen dat je zelf belangrijk bent voor de wereld, dat je er toe doet? Want als al die anderen jou(w werk) niet waarderen, wie doet dat dan wel?
Dat je mag beginnen met jezelf te zien en te waarderen vergeet je misschien bijna.

Stel je eens voor: al die mensen om je heen vallen weg. Voor wie doe je het dan nog? Voor wie leef jij dan? Kun je alleen functioneren. Los van de mening van anderen?

Afhankelijk zijn van de mening van een ander

Mensen zijn van nature sociale wezens en hebben de ander nodig om te overleven, maar hoe solitair ben jij binnen de kring waarin je vertoeft? Ga je spreekwoordelijk dood als anderen jou niet zien of waarderen? Hecht je meer waarde aan de mening van de ander dan aan die van jezelf?

Duik eens in je herinnering. Een gebeurtenis waarbij je de mening van de ander belangrijk vond. Je had bijvoorbeeld iets nieuws gekocht en was er blij mee. Je vond het super mooi of handig (afhankelijk wat het was) en iemand die je hoog hebt zitten vroeg je om zijn of haar mening. Die persoon vond het echter minder mooi dan jij.
Dat was een domper op jouw geluk! En ineens begon je zelf ook te twijfelen. Misschien was het inderdaad niet zo mooi/handig als je in eerste instantie zelf vond. De mening van die ander zorgde ervoor dat je het zelf even niet meer wist.

Of die keer dat je een feestje gaf en veel mensen lieten weten het leuk te vinden maar niet te kunnen komen.
Je voelde je afgewezen, niet gezien, haalde meteen allerlei wilde ideeën in je hoofd over dat men jou niet leuk vond.
Het plezier dat je eerst had gevoeld om dit te organiseren was in één klap weg en al die negatieve overtuigingen over jezelf deden hun best je nog verder de put in te praten.

Plaats je een mooi bericht op facebook, vind je zelf, wordt het door niemand gezien en krijg je totaal geen likes of reacties. Onder die 1700 vrienden is er ineens niemand die de tijd neemt om te reageren. Dat facebook hier mogelijk een rol in speelt heb je niet door (een gecompliceerd geheel van algoritmes). Jouw focus ligt te willen worden gezien en op likes en reacties die helaas uitblijven. Van narigheid verwijder je het bericht maar weer.

Bestaansrecht

Als alleengeboren tweeling meet je je bestaansrecht vaak af aan ‘de ander’. De mening van de ander telt zwaarder dan je eigen mening. Pas als anderen jou zien staan en waarderen wat je doet/zegt/draagt/eet… dan ben je gelukkig.
Het heeft voor een deel te maken met je eigen plek innemen hier op aarde met alles erop en eraan. Zelf kunnen inzien dat jij recht hebt op een plek en dat daar ook het hebben van een eigen mening bij hoort. Jouw plek is niet ergens een afgelegen hoekje waarin je je nauwelijks kunt bewegen. Een hoekje in de kamer van waaruit je je best doet om zichtbaar te worden zonder dat je een stap naar voren zet. Af en toe gooi je iets in de groep. Voorzichtig deel je je mening en vlak je die af door er zelf al twijfels bij te laten horen of schrijven. Je dekt je in voor het geval je tegengas krijgt en je je mening moet gaan verdedigen. Op het moment dat het te spannend wordt kun je weer snel wegkruipen in je hoekje. Gordijn er omheen en onzichtbaar ben je.

Je plek innemen heeft ook te maken met het feit dat veel alleengeboren tweelingen systemisch gezien niet (helemaal) op hun eigen plek staan. Onbewust heb je ook het leven van je tweelingbroer of -zus willen invullen. En daar kun je behoorlijk onzeker (en onrustig) van worden: twee levens leven. Je leeft dan vanuit twee energieên waardoor je niet goed voelt wie je nu eigenlijk zelf bent. Daarnaast, daar word je ook niet echt zichtbaar van!
De uitdaging is om volledig vanuit je eigen energie te gaan leven. Maar ik realiseer me heel goed dat dit voor een aantal van jullie lastig is en voor sommigen zelfs niet te doen. Met hulp is er echter veel mogelijk en kun je, mits je dat wilt, bewust een stap zetten richting je eigen plek.

Ik ben

Als je gaat staan voor wie jij bent kies je voor het leven. Plus de verantwoordelijkheden die horen bij het leven. Verantwoording nemen voor het feit dat je je eigen plek inneemt en je eigen keuzes maakt. Een eigen mening vormt, die je vasthoudt omdat je er zelf in gelooft. In plaats van dat je je bij het minste of geringste tegengas omver laat blazen en je eigen mening 180 graden draait omdat die ander dat zo ziet.
Je hoeft niet meteen je hoofd boven het maaiveld uit te steken Meer gaan staan voor wie je bent en wat jij zegt, denkt, doet, voelt, dat mag alleen best.
‘IK BEN’ en ik heb recht op mijn plek hier op aarde, ik heb mijn eigen mening en ik ben niet afhankelijk van (die van) anderen.

©Aranka Reeuwijk

 

Facebooktwitterlinkedin

EMOTIES EN GEUREN

De kracht van geuren op emoties

Die geur, als het na een aantal warme zomerse dagen flink heeft geregend en geonweerd…. dan ruik je de aarde en de ontlading van de lucht. De geur van de zelfgemaakte appeltaart van je oma.
Dat verse stokbrood van het kleine Franse bakkertje. Of wat dacht je van de kruidige geur van een alpenweide of de zilte zeelucht…… als je dit ruikt ben je meteen weer op de desbetreffende plek. Geuren doen iets met je emoties.

Baby’s en geuren

Als we geboren worden kunnen we al heel goed geuren onderscheiden. Zo kan een baby de geur van zijn of haar moeder herkennen. Niet voor niks dat je vaak het advies krijgt om een gedragen shirt van moeder bij de baby in de wieg te leggen als het huilt en moeder afwezig is. Zo kunnen ze hun moeder ruiken en hebben ze het gevoel veilig te zijn. Het is dan ook niet zo handig om zelf als kersverse mama sterke geurtjes te gebruiken; je kindje moet dan tussen de chemische geuren die van jou zien te ontdekken.
Veel volwassenen hebben met baby’s en geur een hele andere associatie. Als je ze vraagt welke geur ze associëren met baby’s dan zeggen ze vaak ‘Zwitsal’. Als ze dat ruiken dan zien ze als het ware meteen een baby voor zich 😉 .

Wist je dat…..  

De zenuw die vanaf onze neus naar onze hersenen loopt één van de bovenste drie hersenzenuwen is? En dat de signalen vanuit deze zenuw worden geregistreerd vlakbij het centrum dat emoties signaleert en reguleert? Dat is dan ook de reden waarom geur zo’n krachtige invloed op onze emoties heeft. Je ruikt iets en je bent als het ware meteen op de plek waar de geur jou aan herinnert. Ook al is dat heel wat jaren geleden. Het kan zelfs zo zijn dat je een bepaalde situatie allang bent vergeten maar op het moment dat je de bijbehorende geur ruikt herinner je het je ineens weer. Bijzonder, niet waar?!

Geur als alarmbel 

Omdat geur zo’n basale zintuigervaring is kan het je ook heel goed helpen, hoe gek dat ook klinkt. Het past een beetje in het plaatje van ‘onderbuikgevoel en intuïtie’. Zowel positief als negatief dus.
Geuren kunnen je rustig maken, laten ontspannen. Denk bijvoorbeeld aan de geur van lavendel, of dennenbomen. Ongemerkt ga je meteen dieper ademen en ontspan je als je deze geuren ruikt.
Maar geuren kunnen je ook juist stimuleren en aanzetten tot actie. Moet je veel werk verzetten en nadenken, dan is rozemarijn heel goed. Wil je het lekker puur natuur (dat is gewoon het beste) en heb je geen zuivere essentiële olie in een flesje bij de hand, koop dat een rozemarijnstruikje en zet die op je bureau. Even met je handen er door heen en de geur komt vrij (je breekt dan de bolletjes waar de essentiële olie in zit open). 

Een geur kan je ook in een fractie van een seconde een seintje geven van ‘niet pluis, wegwezen’. Zoals de geur van gas. Als ik dat bijvoorbeeld ruik gaan al mijn alarmbellen rinkelen.
Maar er zijn meer geuren die ons onbewust waarschuwen. Zo zijn mensen (net als dieren) in staat om angst bij een ander te ruiken. Kun je je nog zo zeker voordoen, die ander heeft al geroken dat je bang bent.
En onze partner kiezen we, zonder dat we daar alert op zijn, voor een groot deel op zijn of haar geur uit. Mensen, we zijn net dieren 😉 .

Geur als steuntje in de rug bij therapie

En omdat geuren zo snel werken zijn ze bijzonder handig binnen therapie in te zetten om je een steuntje in de rug te geven. Of net dat ene zetje te geven dat je nodig had om een stap te zetten.
Klinkt het raar? Dat snap ik best. Maar hoe gek het ook klinkt, een geur kan als een soort medicijn werken. Mits een goede uitgekozen en op de juiste manier ingezet. En het voordeel van een essentiële olie is dat deze al is omgezet zodat je lichaam het direct kan opnemen. Heel anders dan bv bij kruiden; dan moet je lichaam er eerst nog wat mee doen.
Een passende geur doet iets met iemand. Zodra je die ruikt verandert je blik in je ogen, je klaart op, ontspant, landt (eindelijk) op aarde..
Uit diverse onderzoeken is al jaren bekent dat geuren therapeutisch kunnen werken. 

Sinaasappel, citroen, mandarijn en alleengeboren tweelingen

Iemand die zich wat down voelt en sombere gedachten heeft, die kan heel erg opklaren van de geur van citrusvruchten. De geur van sinaasappel, en dan vooral de schil, kan heel veel rust geven op angstige momenten. Het neemt vooral angst voor nieuwe en onbekende situaties weg en helpt je om meer vanuit je hart te handelen.
Alleengeboren tweelingen denken heel vaak in tekorten, het is nooit genoeg. Hoe fijn is het dan als je met behulp van deze geur weer mag gaan ervaren dat er gewoon altijd genoeg is!
En dat je mag gaan voelen dat  je je niet over de kop hoeft te werken (voor twee hoeft te werken 😉 ). De geur van sinaasappel stimuleert je om oplossingen te vinden voor jouw problemen. Daarnaast helpt het je om spontaner te worden en plezier en vreugde in het leven te ervaren. Je verbindt je als het ware weer meer met jouw innerlijke kind.

Lavendelvelden en jezelf laten zien

Ooit wel eens langs of door de lavendelvelden in Frankrijk gelopen? Een intense geurervaring.
Ook lavendel is een hele krachtige geur die emotioneel veel voor je kan betekenen. Veel alleengeboren tweelingen ondervinden problemen in het zich uiten en laten zien. Ze hebben een diepliggende angst om gezien en gehoord te worden. Liever maken ze zichzelf onzichtbaar. Lavendel steunt je als je je liever verstopt achter een masker en je ware zelfexpressie is geblokkeerd.
Door dagelijks zuivere lavendel(olie) te gebruiken lukt het je op den duur steeds makkelijker om je gevoelens uit te drukken en je minder onzeker te voelen. 

Puur, natuur en bijna te simpel

Zo maar twee hele simpele voorbeelden van wat geuren voor je kunnen betekenen.
En sceptisch als ik ben wil ik altijd eerst zelf ontdekken en ervaren of iets ook echt wel zo goed is als anderen zeggen. Zelf heb ik de kracht van essentiële oliën in korte tijd mogen ervaren en ik kan niet anders zeggen dat ik verbaasd ben. Hoe zoiets, ogenschijnlijk, simpels zo veel impact op je kan hebben.
En naturlijk heb ik mijn medische achtergrond en weet ik hoe zintuigen en emoties werken en gekoppeld kunnen zijn. Zelf ben ik altijd al van de geuren geweest. Een geur brengt me in een andere wereld, terug in de tijd of waar dan ook. Dat het ook een ondersteuning kan zijn in een psychologisch proces heb ik mij nooit gerealiseerd. Maar het werkt!

Als je het ook eens wilt uitproberen raad ik je aan om de meest zuivere olie te nemen die er is of kies voor de plant/vrucht in zijn natuurlijke vorm. Een lavendelolie van vier euro kun je beter laten staan. Die is niet puur en zal meer bevatten dan alleen maar lavendel olie. Voor vragen mag je me altijd benaderen.

© Aranka Reeuwijk

ps. Nog een leuke link naar een ander artikel over geuren.

Facebooktwitterlinkedin

WHAT’S IN A NAME?!

What’s in a name?! Nou….., meer dan je denkt

In het Engels is bovenstaande titel natuurlijk ook min of meer een uitdrukking. In de zin van ‘Ach, wat zegt een naam nu helemaal. Wat maakt het uit’. En er zijn genoeg situaties aan te geven in ons leven waarbij het er inderdaad ook niet zo nauw op neerkomt. Of het nu linksom of rechtsom is, het blijft hetzelfde. ‘Als het beestje maar een naam heeft’, zeggen wij dan heel laconiek. Heel vaak maakt het ook niet veel uit. En toch heb ik daar, eigenwijs als ik ben, een kanttekening bij.

Woorden zeggen ongemerkt veel meer

Al het levend organisme bestaat voor een groot deel uit water en water zou beïnvloedbaar zijn met woorden. Misschien heb je wel eens iets gelezen of gezien over testjes die mensen doen met bijvoorbeeld woorden in relatie met planten. Zo’n arme plant wordt dan voor een maand lang uitgescholden en je ziet dat die plant steeds slechter wordt en soms zelfs dood gaat.
Gelukkig zijn er ook altijd geluksvogels die met liefde worden overspoeld en die blijken zich veel beter te ontwikkelen en te groeien. (Muziek doet ook wonderen trouwens.)
Dus zeggen dat woorden slechts woorden zijn, dat is iets te gemakkelijk en kort door de bocht.
En zo is het ook met namen. Een naam doet meer met je dan je zou denken.

Aangepaste naam

Heel vaak maak ik mee dat iemand zijn of haar naam aanpast als ze er achter zijn gekomen een alleengeboren tweeling te zijn. Ze veranderen hun naam of meten zichzelf een dubbele naam aan om op die manier hun tweelinghelft niet te vergeten, of dichtbij zich te hebben.
En natuurlijk snap ik dat ik heel goed! Je hebt tenslotte net ontdekt dat je eigenlijk een tweelingzus of -broer hebt, alleen die is niet geboren. En het liefste wat je wilt is die ander zo dicht mogelijk bij je hebben, hij/zij mag niet meer vergeten worden. Sommigen besluiten vanuit dit oogpunt een tattoo te nemen. En eigenlijk ligt dat in het verlengde van je naam veranderen, alleen is dit wat meer definitief dan je naam aanpassen. Die verwijder je niet zo maar weer.

Weer heel voelen

Het is net alsof ze die ander als het ware via deze manier willen eren.
Opdat ze niet vergeten dat ze ooit samen zijn gestart, integreren ze de naam van die ander binnen hun eigen naam. Opvallend hierbij is dat het vooral de een-eiige alleengeboren tweelingen zijn die deze neiging hebben. En dat is ook wel te begrijpen. Die zijn zo één geweest voor korte tijd, dát gevoel willen ze graag weer terug en het liefst nooit meer loslaten.  Gedurende hun leven voelen deze mensen zich vaak écht geamputeerd! Alsof ze een deel van zichzelf missen.
Door de naam van de ander bij hun eigen naam te voegen lijkt het alsof ze weer (samen) heel zijn.

“Two become one again.”

Maar zoals ik deze blog al begon. Een naam zegt meer dan je denkt.
Door jezelf ook de naam van je overleden tweelinghelft te geven geef je onbewust jezelf het signaal dat jij tot nu toe maar voor een deel hebt geleefd. De andere naam erbij nemen zou je gevoelsmatig weer heel maken. Je integreert de ander in jou. Maar hoe prachtig deze gedachte ook is, zo werkt het niet.
Je eigen naam, dat ben jij. Dat moge duidelijk zijn. Maar die andere naam, die hoort bij een overleden ziel, niet bij jou. Door deze bij je eigen naam te betrekken geef je juist onbewust de boodschap aan jezelf dat je maar half bent, half levend bent. En tegelijk ‘dwing’ je jezelf om energetisch beide plekken in te nemen. (zie hiervoor de blog over het achterdeurtje).

Laat toch gewoon los joh!

Het lijkt simpel om te zeggen ‘dan skip je die naam toch gewoon weer!’ maar zo eenvoudig is het niet voor deze mensen. Door die naam los te laten hebben ze het gevoel hun tweelinghelft los te laten. Sterker nog, het voelt als een deel van zichzelf loslaten. Alsof je er voor kiest om bijvoorbeeld enkel nog maar met je linker lichaamshelft verder te gaan en je rechterhelft laat liggen.
Het is dan ook een heel proces wat in gang wordt gezet.
Maar wat doe je dan wel? De ander integreren in je leven. Bewustworden dat je eens samen was maar niet één bént. Erkennen en accepteren wat dit voor effect op je heeft (gehad) en voelen wat dit met je doet. Maar realiseer je dat er een dag mag (moet!) komen waarop je die naam weer teruggeeft aan de persoon bij wie die hoort. Zodat jij volledig voor je eigen plek en bijbehorende naam en energie kunt kiezen.

© Aranka Reeuwijk

Facebooktwitterlinkedin

HET VEILIGE ACHTERDEURTJE

Het veilige achterdeurtje van menig alleengeboren tweeling

Vrijwel iedere alleengeboren tweeling heeft moeite om voor 100% in zijn of haar eigen energie te staan. Ze houden als het ware een achterdeurtje open naar de andere kant. ‘Voor het geval dat het te spannend wordt op aarde.’ Dat maakt ze echter zwakker en dat hoeft helemaal niet! Maar ik begrijp het heel goed.

Ieder z’n eigen plek

Ieder mens heeft z’n eigen plek binnen het familiesysteem waarin hij of zij wordt geboren.
Echter, om wat voor reden dan ook kan het gebeuren dat je, onbewust, de plek van iemand anders opvult. Dat maakt je zwakker en vaak onzichtbaar voor anderen. Daar hoef je trouwens niet per sé een alleengeboren tweeling voor te zijn. In heel veel families zie je dat mensen systemisch gaten opvullen van familieleden die niet zijn geboren of niet de aandacht krijgen die ze verdienen.
Meer over familiesystemen en opstellingen kun je lezen op de desbetreffende pagina. 

Identificeren en erkennen

Is er sprake van een verloren tweelinghelft dan is het vrij ganbaar dat degene die wel wordt geboren de neiging heeft om de plek van de ander op te vullen. Dat heeft te maken met het feit dat die ander niet wordt erkend (heel vaak wist men niet eens dat ‘ie er was). Maar ook doordat deze persoon zich helemaal identificeert met de niet geboren tweelinghelft. Dit kan in meer of mindere mate en verschilt per persoon.
En afhankelijk van de situatie reageert iemand vanaf z’n eigen plek of vanaf de plek die hoort bij de overleden tweelinghelft.

Plaatsverwisseling

In sommige gevallen is er sprake van verwisseling en zie je dat de plek van de overleden tweelinghelft energetisch volledig wordt ingenomen door de levende tweeling. Dit zorgt er voor dat die persoon niet krachtig in het leven staat, zelf het gevoel heeft in een andere wereld te leven en onzichtbaar is voor de omgeving.

Het ‘plaatsverwisselen’ is het makkelijkst te zien bij alleengeboren tweelingen waarbij sprake is geweest van een twee-eiige tweeling van verschillend geslacht. Een man staat liever op de plek van zijn overleden tweelingzusje en vertoont hierdoor meer vrouwelijke trekken. Andersom geldt dit ook voor vrouwen; die zijn meer manlijk in hun gedrag en uiterlijk. Ingewikkelder (maar niet onmogelijk) wordt het om te achterhalen hoe het zit als er sprake is geweest van gelijk geslacht.

De uitdaging

De grote uitdaging zit hem in het innemen van je eigen plek. Voor HONDERD PROCENT! En dat is moeilijk voor de meesten. Menig alleengeboren tweeling wil er best voor kiezen om op de eigen plek te gaan staan, maar dan graag nog met één voet op de plek van hun tweelingbroer of -zus. Vooruit, één teen is ook goed.
Die plek van die ander volledig loslaten, dat is lastig en pijnlijk. Ook al zeggen ze dat ze gekozen hebben voor het leven en voor hun eigen plek, heel stiekem houden ze een achterdeurtje open ‘voor het geval dat’.
Vanuit bijvoorbeeld schuldgevoelens, verraad of onzekerheid durven ze niet volledig voor het leven te kiezen. Ze hebben het gevoel dat ze, door deze plek vaarwel te zeggen, hiermee de ander in de steek laten of loslaten.
Dat het tegendeel juist waar is dat kunnen en willen ze niet zien. “Nee hoor, het gaat zo heel goed. Ik voel me prima. Heb gewoon veel manlijke/vrouwelijke trekjes. Zo ben ik nu eenmaal.”

Kiezen vergt moed

Het is ook best eng om de stap naar het leven te nemen. De meesten hebben jarenlang maar op halve kracht geleefd. Kiezen om vanaf nu gelukkig, energiek en vrij te zijn is niet makkelijk. Daar is moed voor nodig. En een beetje ervaring. Want als ze af en toe aan de mooie momenten van het leven hebben kunnen ruiken, dan weten ze hoe mooi het kan zijn en wordt de keus om een stap te maken minder eng.
Alleen de diepe overtuiging de ander te verraden of in de steek te laten als ze écht gaan leven, die zit diep. En die heeft tijd nodig om te transformeren.

©Aranka Reeuwijk
Weet jij van jezelf dat je ook zo’n achterdeurtje hebt? En wil je deze graag sluiten? Dan ben je van harte welkom om een afspraak te maken. Kijken we samen wat je nog nodig hebt om dit voor elkaar te krijgen.

 

Facebooktwitterlinkedin

ZONDER JE TWEELINGBROER

Zonder je tweelingbroer in het leven staan

Hoe is het om als jongetje geboren te worden zonder je tweelingbroer? Voor bepaalde tijd samen geweest als een twee-eiige tweeling maar door onbekende reden overlijdt de ander. 
De rest van je leven heb je een diep gemis van binnen, een leegte, die je onbewust probeert op te vullen middels vriendschappen. Een extreem rechtvaardigheidsgevoel is je niet onbekend. Tegelijk zorgt dit gemis ervoor dat je de grens van het leven opzoekt. Een sport of beroep kiest waarbij je je leven op het spel zet. De ander misschien wilt redden ten koste van jezelf vanuit een onbewust ‘survivor guilt’ gevoel. Niet voor niks dat veel alleengeboren twee-eiige tweelingen kiezen voor een beroep als hulpverlener, agent of militair.
Vlak na het overlijden van haar zoon meldde Jintie zich in onze besloten facebook groep. En zo kwam het dat ik met haar op een zonnige dag sprak over William, haar zoon,  die zijn tweelingbroertje voor de geboorte had verloren. En die niet zo lang geleden een bewuste keuze heeft gemaakt om uit het leven te stappen.

Altijd anders gevoeld

Jintie en ik spraken af op een mooie natuurplek. Een plek waar ze vroeger al graag kwam met de kinderen. “William hield erg van de natuur en van deze plek, hij kwam er graag.” aldus zijn moeder.
Jintie heeft zes kinderen en gaf aan dat William eigenlijk altijd al anders dan de andere kinderen was. Als moeder houd je natuurlijk van al je kinderen evenveel maar William had een speciaal plekje in haar hart leek wel. “We hadden dezelfde lach en onze handen leken op elkaar weet je. Hij was daar enorm trots op. Mensen konden zo zien dat we moeder en zoon waren.
En als kind was hij heel vrolijk maar had eigenlijk ook altijd zo’n droevige blik in zijn ogen. Hij is ook altijd zoekende geweest. Alsof hij iets zocht omdat hij onbewust iets kwijt was.”

Op zoek naar verbondenheid

William was zijn hele leven altijd op zoek naar verbondenheid, echte vrienden waren heel belangrijk voor hem. Meer nog dan vriendinnetjes. De verbondenheid met jongens was groter. Als hij moest kiezen tussen zijn vrienden of een meisje dan koos hij voor de kameraadschap.

Ze heeft altijd geweten dat hij van een tweeling was. Het leek op een zeker moment niet goed te gaan tijdens de zwangerschap maar gelukkig was er nog een hartslag te horen. De arts zei toentertijd wel dat als eentje overlijdt de ander er vaak achteraan gaat. Daar wilde ze niks van weten.
De geboorte van William was moeizaam, alsof hij niet wilde komen.

Onrecht versus rechtvaardigheid

Zoals zoveel alleengeboren tweelingen die van oorsprong een twee-eiige tweeling waren vertoonde William een zekere roekeloosheid in zijn doen en laten. Daarnaast wilde hij graag winnen en was hij heel gedreven. Het roekeloos leven uitte zich bij hem onder andere in niet goed uitkijken in het verkeer of te hard rijden.

Hij was een echte onrecht-strijder.
Als klein jongetje wilde hij al soldaat worden. Het was dus niet zo vreemd dat hij zich aanmeldde voor het vreemdelingen legioen en vijf jaar heeft gewerkt als korporaal bij de parachutisten (2nd Foreign Parachute Regiment) in verschillende oorlogsgebieden in Afrika (Mali, Niger, Tsjaad) maar bijvoorbeeld ook aanwezig was bij de aanslagen in Parijs.

Trauma op trauma

De maanden voor zijn overlijden vertoonde hij ander gedrag vertelt Jintie mij. Hij was zwaarmoediger, vond het leven niet meer leuk. Op aandringen van de omgeving heeft hij hulp gezocht maar hij kon het eigenlijk wel allemaal zelf, vond hij.
De trauma’s uit het leger kon hij niet goed over praten, die waren enorm. Toen zijn buddy omkwam in Syrië leek er iets in hem geknapt te zijn. De verbondenheid met deze man was groots. Je zou kunnen zeggen dat deze band wellicht voor William dicht in de buurt kwam van de band die hij zo miste met zijn tweelingbroer. En nu verdween deze persoon ook uit zijn leven.

Beetje bij beetje

William, 18 januari 1993 – 10 februari 2018.

Het verlies, het besef dat William er niet meer is, komt stukje bij beetje binnen. “En dat is fijn, dat het in stukjes gaat. Anders kun je het niet aan om normaal het leven door te laten gaan. Ik heb ook nog de andere kinderen die mij nodig hebben,” aldus Jintie.
Achteraf gezien zou je kunnen zeggen dat hij onbewust de verbinding voelde met zijn tweelingbroer. Dat uitte zich in bepaalde opmerkingen en vragen maar ook in bijvoorbeeld muziekkeuze. (Alan Walker, Alone. Avicii, Hey Brother..).

“De glans is van je leven af. Wordt het ooit wel weer eens leuk denk ik geregeld.” Hoewel ze zeker weet dat William wil dat ze weer gaat genieten van het leven. Als moeder je kind zien worstelen is moeilijk, je voelt je machteloos. Je zou kunnen zeggen dat William een optie als keus heeft gemist omdat hij niet heeft geweten waarom hij zich zo voelde. Als hij dit wel had geweten had hij een keus gehad om hulp te zoeken of niet.

Het is belangrijk dat mensen weten wat de impact is van een tweeling verlies. Hoe het is om zonder je tweelingbroer of -zus te moeten leven.
Als je het namelijk weet dan kan dat een hoop rust geven en voel je je niet meer anders, of gek. Dan weet je de oorzaak van je gevoelens.

Het hele interview met Jintie kun je hier bekijken.

© Aranka Reeuwijk

Facebooktwitterlinkedin

IK BEN ER NIET

Ik ben er even niet

Vrijwel alle alleengeboren tweelingen hebben moeite om werkelijk contact te maken met hun eigen lichaam. Alsof ze maar voor een deel hun fysieke jas hebben aangetrokken toen ze werden geboren. Of deze zelfs met groot gemak uit doen als het zo uitkomt. Als een situatie onveilig voelt, bedreigend is, dan vertrekken ze naar bekende plekken:”Ik ben er even niet hoor”.
In hun geval vertrekken ze energetisch naar de plek waar het ooit fijn en veilig was; in de baarmoeder, samen met hun tweelinghelft toen alles nog goed was.

Heb je dit zelf wel eens gehad? Dat een situatie of persoon ineens niet fijn voelde, maar dat je dat eigenlijk niet meteen doorhad. Dat er opeens een moment was waarop je je realiseerde dat je ‘er niet meer was’. Je aandacht was weg, je hoorde niet meer goed wat er werd gezegd, je ademhaling was oppervlakkig, je handen koud…. Zonder dat je er erg in had voelde je je niet meer veilig en was je vertrokken uit je lichaam. Ken je dat?
En kost het jou veel moeite om weer terug te komen in je eigen lichaam?

Draai het om

Om dit terugtrekken om te draaien is het aan te raden om je eigen lichaam als anker te gebruiken. Je lichaam vertrekt tenslotte niet, die is en blijft waar het is. Het is je ziel die zich hier van losmaakt en verdwijnt. Vaak omdat het moment, de trigger, lijkt op het eerste moment waarop het niet meer fijn was voor jou. Levensbedreigend was het misschien wel. Of eng. In ieder geval wilde je één ding; WEG!
En iedere situatie die ook maar een beetje lijkt op deze eerste ervaring zorgt ervoor dat je op dezelfde manier als toen reageert.

Eigen lichaam als anker

Je eigen lichaam als een soort anker dus. Een rots in de branding, een houvast die je uitnodigt om terug te komen. Maar dan moet dat lichaam wel fijn en veilig voelen natuurlijk.
Is dit niet het geval dan is het zaak om hier aan te werken.
Misschien voel je je eigen lichaam niet goed, is je lichaamsbesef, zoals dat heet, niet goed. Dan kan een professionele aanraking in de vorm van bijvoorbeeld massage je helpen om je eigen lichaam (weer) te leren voelen. Om je eigen grens zo te ervaren. Letterlijk voelen waar jij ophoudt aan de buitenkant.

Fysiek contact en de ander

Veel alleengeboren tweelingen hebben moeite om goed te voelen waar ze zelf eindigen en waar de ander begint. Vanuit deze vertekende beleving is het lastig je grenzen aan te geven richting de buitenwereld. Wanneer is het voor jou genoeg, niet meer fijn, is jouw grens bereikt, letterlijk misschien wel.
Vanuit deze wetenschap, deze kennis, is het hopelijk makkelijker te begrijpen dat alleengeboren tweelingen moeite hebben met contact maken met andere mensen. Helemaal als het gaat om een liefdesrelatie. Het gevoel van verliefdheid is een zekere herinnering aan het samenzijn vanuit de baarmoeder. Toen ze nog bijna één waren met hun tweelinghelft. Er was geen ‘jij of ik’ maar alleen maar ‘wij’. Een dans in slowmotion van twee (of meer) zielen die elkaar zonder woorden konden aanvoelen.
Als twee dansers die één worden op het moment dat ze samen dansen. De ene beweging nodigt automatisch de volgende beweging uit…..

Dat samen zijn, zonder woorden nodig te hebben, is waar diep van binnen een verlangen naar zit. En als die ander dit niet snapt, dit niet voelt, dan is er de neiging om zich terug te trekken. Een plotseling wakker schrikken uit een heerlijke droom. Het symbiotische samen zijn is niet meer. Er blijken ineens woorden nodig te zijn om aan te geven wat je graag wilt. Dat kan voelen als ‘een koude kermis’.

Aanraken doet pijn

Herken je dat? Dat een aanraking zelfs pijn kan doen. Er zijn ontzettend veel alleengeboren tweelingen die een hele gevoelige huid hebben. Eigenlijk zijn ze over het geheel genomen heel sensitief. Een gevoelige huid is daar slechts een onderdeel van.
En wat voor de ander als heel zacht kan zijn is voor hun al heel gevoelig. Misschien kun je het voor jezelf vergelijken met hoe bijvoorbeeld bekend is hoe een hond ruikt. Die heeft een zeven keer zo scherpe reukzin als wij.
Dat is nog geen eigen ervaring natuurlijk. Maar misschien heb je ooit wel eens een moment gehad waar je zintuigen op een bepaalde manier minder geprikkeld werden. Een hele donkere ruimte voor lange tijd, intense stilte of het eerste hapje soep nadat je ziek bent geweest en dagenlang niks hebt gegeten……
Als je dan weer in je gewone omgeving komt dan kan deze ineens veel intenser binnenkomen. Je zintuigen nemen veel scherper waar.

Van chronische stress naar ontspanning

Zo is het voor veel alleengeboren tweelingen gewoon. Ze horen, zien, ruiken maar voelen dus ook veel scherper.
Dit stamt vanaf het moment dat de ander overleed. De situatie veranderde, voelde ineens niet meer fijn en veilig. Iedere cel stond op scherp om zo te kunnen waarnemen wat er plaatsvond.
Vanuit deze overalertheid zijn de zintuigen nog altijd overgevoelig. Goed om je hier bewust van te zijn.
Die ander stelt zich niet aan. De beleving is gewoon veel sterker bij hem of haar. En om dit terug te brengen naar een ‘normaal’ niveau is niet zomaar van de ene op de andere dag gebeurd. Daar is veel tijd en geduld voor nodig. Het hele autonome systeem, dat onder andere stress signaleert, mag na jaren actief te zijn geweest eindelijk ontspannen. Geduld, geduld en heel veel rustmomenten inbouwen. Zodat je lichaam weer leert te ontspannen.

 

© Aranka Reeuwijk

 

Facebooktwitterlinkedin

TRAUMA HERHALING

Trauma herhaling gaat soms een leven lang door

Gedurende ons leven maken we vaak gelijkwaardige situaties mee. Sommige mensen zijn zich daar heel bewust van en roepen dan ook wel eens “waarom overkomt mij dit nu áltijd?!”. Als een soort les van het universum, gezien vanuit een groter geheel, om jou iets te leren? Het blijft gissen of dit werkelijk zo is. Wat mij in ieder geval opvalt is dat veel alleengeboren tweelingen gedurende hun leven in situaties belanden die, zonder dat ze zich daar in eerste instantie bewust van zijn, lijken op stukjes vanuit de ‘baarmoeder film’. 

Droom of nachtmerrie

Althea Hayton benoemde dit al als ‘the dream of the womb’ en dat klopt ook wel als je ziet hoe vredig het kan zijn tussen tweelingen in de buik. Als in een soort droom kun je heerlijk samen zweven in het vruchtwater en op die manier bijna één worden. Er is geen verleden of toekomst, er is alleen maar nu.
De andere kant is ook mogelijk.
Niet bepaald een droom als je juist het einde van deze film blijft naspelen. Ieder contact dat je hebt in je leven eindigt op dezelfde manier als hoe het met je tweelinghelft afliep. Ging die plots dood dan zal dit terug te zien zijn in jouw contact met anderen. Relaties, of werksituaties, zullen dan vrijwel altijd op een abrupte manier eindigen.
Was het een traag proces van loslaten dan zal dít herkenbaar voor je zijn. Vriendschappen zullen op een goed moment verwateren waarna er een moment komt dat er geen contact meer is. Een proces van langzaam afscheid nemen.

Test van hogerhand

Zelf heb ik door de jaren heen veel gedaan om mijn eigen verlies te helen en een plek te geven. En dat is vrij aardig gelukt kan ik zeggen. Kijk ik terug op hoe het ooit was en hoe het nu is dan heeft er werkelijk een grote shift plaatsgevonden. Ik sta met beide benen in het leven, ben meer geaard en heb geen moeite meer met zichtbaar zijn (om maar iets te noemen).
Tot er dan ineens iets kleins gebeurd. Iets waar ik niet op voorbereid was. Alsof ‘zij daarboven’ mij even wilde uitproberen :-), kijken of ze werkelijk klaar is met alles.
Nou, niet dus!
Het was een héél lief klein kuikentje dat mij mocht prikkelen. Hij kwam aan het eind van de nacht uit het ei, we waren er niet bij. Eenmaal uit bed zag ik al snel dat hij anders was dan zijn voorgangers. Er klopte iets niet. Hij was te zwak en ik wist eigenlijk direct al dat hij het niet zou gaan redden (ik schrijf hij omdat ik steeds het gevoel heb gehad dat het een haantje was).

Dilemma. Hoofd zei, laat de natuur z’n gang gaan. De anderen liepen over hem heen, pikte hem, accepteerde hem niet.
Mijn hart kon het niet verdragen en won. Die zette hem beschermd van de anderen zodat hij rustig kon sterven. ‘Hij zou de nacht niet gaan halen’, daar was ik zeker van. Helaas, het ging anders. Dit was er eentje met een enorme wilskracht die het drie dagen heeft volgehouden.

Stijf van de stress

En dat trok ik niet. Iedere keer als ik bij hem ging kijken hoopte ik diep van binnen dat hij dood was. Maar zodra hij mij hoorde of zag kwam hij met al z’n kracht overeind en piepte zo hard ie kon (en dat kon hij het hardst van allemaal). Eten en drinken deed hij niet. Terwijl de rest groeide en steeds schattiger werd verzwakte hij zienderogen. De tips op internet waren barbaars en kon ik niet over mijn hart verkrijgen om uit te voeren zodat hij dood zou gaan.
Maar ondertussen stond ik wel stijf van de stress! Mijn hele lichaam reageerde. En dat wat ik voelde had ik (gelukkig) lang niet meer gevoeld, terwijl ik dat wel heel lang heb meegedragen gedurende mijn leven.
Bibberig, koud, zweethanden, verhoogde hartslag, labiel, schrikkerig, versnelde ademhaling en adem vasthouden, niet helder kunnen denken ….. Gelukkig was ik nog wel nog genoeg helder van geest om te bedenken dat ik wellicht één van mijn essentiële oliën kon inzetten om mij te ondersteunen.
En dat heb ik dan ook gedaan met goed resultaat (had ik veel eerder moeten doen).

Trauma herhaling

Voor mij was dit duidelijk een herhaling van mijn eigen trauma. Ik ben bekend met het feit dat dieren bij mij er over het algemeen lang over doen om afscheid te nemen van het aardse leven. Dat loopt als een rode draad door mijn leven.
En dat levert mij veel spanning op. Hoewel ik niet bang ben voor de dood op zich is dit stervensproces van de ander voor mij een stressvol gebeuren. En zoals ik het heb gevoeld en gezien in regressies, was dit ook het geval in de baarmoeder. Ook daar was het een langzaam proces van afscheid nemen.
De machteloosheid, de angst, hulpeloos moeten toekijken, uiteindelijk boos worden “ga dan!!”, mij terugtrekken. En dan de leegte maar ook opluchting als het dan eenmaal is voltrokken. Rust, zakken in mijn lijf. Adem uit.

Dit piepende wezentje paste precies in mijn handpalm. Het was zijn kleine afmeting die de vergelijking groot maakte. Ieder die mijn boek ‘Ik wou dat ik twee hondjes was‘  heeft gelezen zal dit begrijpen.
Niet veel later is het kuikentje overleden en had ik de uitdaging om alle stress uit mijn lichaam te laten vloeien. En dit verhaal met jou te delen.

© Aranka Reeuwijk

Facebooktwitterlinkedin

TOT HIER EN NIET VERDER

Tot hier en niet verder!!

Zeg jij dat wel eens tegen anderen? “Ho, stop! Tot hier en niet verder.” Ik wel hoor. Er zijn tegenwoordig steeds vaker momenten waarop ik duidelijk mijn grens aangeef. Doe ik dat niet dan lopen er, voordat ik het in de gaten heb, hele volksstammen over mij heen 🙂 .
Voordat ik weet had van mijn vroege tweeling verlies was ik zelf redelijk grenzeloos en liet alles en iedereen binnenkomen en over mijn grenzen gaan. Ik voelde niet goed waar ik goed aan deed, wat ik wel of niet kon doen, wat binnen de grenzen van normaal lag…. Gelukkig is dat verleden tijd. 

Alleengeboren tweelingen en grenzen

Dat alleengeboren tweelingen over het algemeen moeite hebben met grenzen heb ik al eerder een blog aan gewijd. En eigenlijk zou ik er een heel boek over kunnen schrijven want dit is echt een issue bij velen.
Niet zo gek als je bedenkt dat dit begrip in de buik nog helemaal geen begrip was. Er was enkel gewaarwording van eenheid en ‘samen’. Niet enkel alleen tussen de twee (of meer) kindjes maar ook tussen moeder en kind(eren). Een eenheid, via de navelstreng verbonden. Dat laatste geldt uiteraard voor ieder mens.

Innerlijk geweten

En die band tussen moeder en kind is een gegeven waar al meer over bekend is. De verbinding via de navelstreng mag dan meteen na de geboorte verbroken worden, de energetische band blijft vaak veel langer bestaan. Die heeft aanzienlijk meer tijd nodig om ‘doorgeknipt’ te worden.
Daarnaast hebben jonge kinderen heel duidelijk hun moeder tot op een zekere leeftijd nodig als ‘innerlijk geweten’. Tot een jaar of drie wordt dat innerlijk geweten nog vertolkt door de moeder, dat is nog niet ontwikkeld in het brein van het kind.
Peuter mag iets niet en zal dit ook laten, totdat moeder de kamer verlaat. Dan ineens wordt de verleiding groot en kunnen ze het niet weerstaan.
Als het goed is ontwikkeld een kind uiteindelijk een eigen innerlijk geweten waardoor ‘ie vanaf een zekere leeftijd voelt wat wel of niet toegestaan is in het leven.

Nabootsing

Daarnaast leert een kind in eerste instantie door nabootsing. Naarmate de leeftijd vordert mag dit losgelaten worden en mag er vanuit zichzelf van alles gaan ontstaan. Ook dit stuk is voor veel alleengeboren tweelingen heel lastig. Op zoek naar die spiegel van zichzelf blijven ze soms hun hele leven alles om zich heen spiegelen. Zonder zich hier in eerste instantie bewust van te zijn. Het is een tweede natuur, een onderdeel van zichzelf.

Normen en waarden

Het moeten gaan ervaren van grenzen en zichzelf begrenzen is voor alleengeboren tweelingen een lastig gegeven. Helemaal als er in de baarmoeder sprake is geweest van een ééneiige tweeling.
Vanwege dat gemis van grensgevoel lijkt het wel extra lastig voor hun om bijvoorbeeld goed te voelen wat vanuit een innerlijk moraal gepast is of niet. Iets met ‘normen en waarden’ die niet helemaal goed zijn geland.
Is het tweelingverlies, met behulp van een coach, goed doorwerkt dan gaat dit (grens)besef in de maanden en jaren hierna steeds beter. De persoon in kwestie voelt steeds beter waar zijn of haar eigen grens liggen en kan ook beter waarnemen wat naar de omgeving toe past of uiteindelijk een brug te ver is. Er ontstaat een duidelijk gevoel van ‘ik’ en ‘de buitenwereld’.

Ontwaken met vallen en opstaan

Het ontwaken uit de tweelingdroom gaat alleen niet altijd zonder pijn. Het is een proces van vallen en opstaan waarbij vaak meerdere malen de neus gestoten wordt. Net zoals bij een klein kind dat leert lopen en steeds maar valt en weer opstaat. Er komt een moment dat je blijft staan. Dat je snapt hoe het lopen in z’n werk gaat. Zo is het ook met grenzen ervaren. Er komt een moment waarop je het niet alleen met je hoofd snapt maar met iedere vezel in je lijf voelt.

De één ziet en voelt het alleen iets sneller dan de ander, zoals ook de ene peuter sneller loopt dan de ander. En voor sommigen blijft het begrip ‘grens’ moeilijk en ongrijpbaar. Die zullen misschien nooit leren waar ze moeten stoppen en waar juist doorgaan. Of ze hebben een hele harde les nodig om abrupt te ontwaken uit hun droom.

Ik ben in ieder geval heel blij dat ik me dit wel eigen heb kunnen maken en steeds meer op tijd ‘ho!’ zeg. Tegen mijzelf, dan wel tegen de buitenwereld.

© Aranka Reeuwijk

Facebooktwitterlinkedin

VROEGER….

… toen alles anders was

…….en mensen nog trouw zworen ‘voor het leven’ aan een partner, in voor en tegenspoed, tot de dood ons scheidt.
Niet dat mensen altijd even gelukkig waren. Vaak genoeg bleek het huwelijk tegen te vallen en werd de liefde buiten de deur gezocht. Een man die een minna(a)res had, een vrouw die iedere week uitkeek naar de komst van de melkboer 😉 . Ja, ik heb het over lang vervlogen tijden waarin het woord emancipatie nog niet eens bestond, mannen echte mannen moesten zijn en vrouwen thuis bij de kinderen bleven.

Homoseksualiteit als taboe

Een tijd waarin homoseksualiteit nog een groot taboe met zich meedroeg. Daar kwam je niet openlijk voor uit. Als je als man zijnde al gevoelens had voor een andere man dan hield je dat verborgen. Hooguit had je er een keer over gesproken met de pastoor of de dominee. Het advies was waarschijnlijk iets als ‘extra bidden’ of ‘tien wees gegroetjes’ (ik ben niet zo kerkelijk zoals je begrijpt) en er vooral maar niet aan toegeven. Het zou wel weer over gaan…
Maar dat ging het niet.

Verlangens

Zie jij een man of een vrouw?

Net zo min dat het over gaat als je je doodongelukkig voelt als je als meisje liever een jongen was geweest (of andersom natuurlijk). Die gevoelens kunnen intens diep verankerd zitten in je hele systeem. Het verlangen om een ander te mogen en kunnen zijn.
Eeuwenlang zijn er mensen geweest die met deze verlangens hebben geleefd en er niet aan toe konden geven. Ja, er zijn tijden geweest waarin het tot op zekere hoogte geaccepteerd werd dat mannen vrouwelijke neigingen hadden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de Franse tijd met al z’n pruiken, parfums en tierlantijntjes. Maar geen man die het in z’n hoofd haalde om een jurk aan te trekken. Misschien, heel stiekem, als niemand in de buurt was, dat ze zich aan deze verlangens konden overgeven. Maar er openlijk voor uit komen… vergeet het maar, dat was een doodzonde.

Geduld is een schone zaak

Dan leven we tegenwoordig gelukkig in een geheel andere tijd. Alles kan en alles mag. En alles kan ook meteen. Geduld hoeven we niet meer te hebben. Wil je iets kopen dan bestel je dat op internet en heb je het morgen in huis. Langer wachten kunnen de meeste mensen niet meer aan. ” I want it all, and I want it now!” zong Freddy Mercury al ergens eind jaren tachtig.
En hoe heerlijk die instant bevrediging ook is, het heeft ook een keerzijde want soms is moeten wachten zo erg nog niet en doet het je tot inzichten komen.
Zelf ben ik nog van de generatie die op vakantie een fototoestel bij zich had met een rolletje. Meestal was het maximum 36 foto’s en daar ging je zuinig mee om. Bij thuiskomst het rolletje laten ontwikkelen en dan een week wachten op het resultaat. De herbeleving van alle momenten als je de afdrukken in je handen had; jammer dat nu nét die ene bewogen was.

Waar wil ze nu in Hemelsnaam naar toe vraag je je misschien af?!

Naar aanleiding van een artikel over geslachtsverandering bij kinderen heb ik lang zitten denken. Ik vroeg mij af: in hoeverre kan een kind (en dan heb ik het over kinderen onder de twaalf jaar) bepalen wat voor hem of haar het beste is?
Als ouders worden wij geacht beslissingen te nemen voor ons kroost. We kiezen voor een bepaalde (op)voeding, voor wel of niet vaccineren, naar welke school ze gaan, welke sport het beste bij ze past…
Ooit hoorde ik een verhaal van een moeder wiens dochter zeker wist dat ze geen kinderen wilde en hier al (ze was 15 jaar) een definitieve maatregel voor wilde treffen. De moeder in kwestie was boos op de arts omdat die weigerde. Persoonlijk was ik het met de dokter eens; hoe kan een meisje van vijftien zeker weten dat ze over, zeg tien jaar, nog altijd dezelfde overtuigingen heeft? Wie weet heeft ze straks als ze dertig is wel grote spijt van haar besluit. En dan is de arts de kwaaie pier.

Hoe wijs sommige kinderen ook zijn, in hoeverre laat je ze zo jong al zelf beslissen of ze van geslacht willen veranderen?  Vanuit mijn ervaring met alleengeboren tweelingen heb ik daar namelijk vraagtekens bij. Tenslotte is zeker 75% van de cliënten die bij mij komen verward over wie ze nu werkelijk zijn en dat heeft alles te maken met het verlies van hun tweelinghelft in de baarmoeder.

De een wordt de ander

Ik heb er al vaker over geschreven; tweelingen hebben in de buik een hele symbiotische band. Ze gaan in elkaar op, zijn één geheel en hebben totaal geen besef van begrenzing. Dat ze niet dezelfde persoon als hun tweelinghelft zijn, mogen ze gedurende hun leven ontdekken.
Alleengeboren tweelingen krijgen die kans om dat te ontdekken niet (meer) omdat de ander is overleden. En mede door het vroege overlijden van de ander ontstaat er op energetisch niveau een verwarring waardoor ze niet alleen hun eigen leven, maar ook dat van de ander gaan leven. Of, zoals in sommige gevallen gebeurt, ze leven enkel en alleen het leven van die ander en vóelen zich die ander.

Hoe verwarrend is het als je een meisje bent maar onbewust het leven van je overleden tweelingbroertje leeft (of andersom)?!

Stel dat je je veel meer jongen voelt en graag jongens-dingen doet. En dat je gevoelens hierin zo ver gaan dat je zelfs liever een jongen zou willen zijn!
Veel volwassen alleengeboren tweelingen die ik heb gesproken of heb mogen begeleiden in hun proces, geven aan dat ze zich als jongeren een tijd lang verward hebben gevoeld. Dat ze zich vaak anders voelden dan vriendjes of vriendinnetjes. En dat ze nu snappen waar die verwarring vandaan kwam. Dat ze blij zijn dit nu te weten maar dit zo graag eerder hadden geweten omdat het ontzettend veel onzekerheden had weggehaald.
Eindelijk voelen ze zich na jaren zoeken 100% vrouw, of man. Maar wat een weg was het!

Hoe zou het voor hun zijn geweest als ze nu, in deze tijd, jong waren geweest?

Een tijd waarin alles kan en niks meer gek is. Waar ‘genderneutraal’ een nieuw woord is en mensen steeds minder vaak kleur durven te bekennen.
Een tijd waarin kinderen al de kans krijgen om een geslachtsverandering te ondergaan en niet hoeven te wachten tot ze volwassen zijn.
Wat nu als die kinderen vol overtuiging zeggen zeker te weten dat ze liever als jongetje/meisje verder willen leven. Maar dat ze met deze beslissing mogelijk kiezen om voortaan het leven van hun overleden tweelinghelft te leven. Zouden ze dan werkelijk gelukkiger worden?

Terug draaien is geen optie

Soms is geduld een schone zaak en is het goed om je behoeftes uit te stellen. Daarnaast is het in mijn ogen cruciaal om eerst alle opties te onderzoeken.
Ik wil hier niet mee beweren dat er over één nacht ijs wordt gegaan. Maar geslachtsverandering terugdraaien is niet bepaald een optie. Het is enorm belangrijk om vooraf álle mogelijke redenen van dit verlangen te onderzoeken. En op dit moment wordt de optie van tweelingverlies in de buik niet meegenomen in het voorafgaande traject en dat baart mij zorgen.

Daarnaast ben ik van mening dat een jong kind niet in staat is om de consequenties van zo’n immense ingreep te overzien. Begrijp me niet verkeerd, ik gun deze kinderen alle geluk van de wereld, maar als dit alleengeboren tweelingen zijn dan zullen ze niet gelukkiger worden na zo’n zwaar traject.

© Aranka Reeuwijk

Ps. Een andere blog over transgender schreef ik in 2017.

Pps. Het is goed om je kind de ruimte te geven om zichzelf te ontdekken, dat is alleen maar toe te juichen. Maar wees je als ouder bewust van het bestaan van tweeling verlies in de baarmoeder en dat dit verstrekkende gevolgen kan hebben voor je kind. Ouders die op de hoogte zijn van de gevolgen van dit verlies, kunnen hun kind hopelijk beter begrijpen en begeleiden.
Mocht je het vermoeden hebben dat jullie kind mogelijk een alleengeboren tweeling is neem dan gerust contact met mij op.  Grote kans dat ik wat voor jullie en je kind kan betekenen. Wil je weten wat de meest voorkomende (gedrags)kenmerken zijn na het verlies van je tweelinghelft, dan kun je die op deze plek op de website vinden.
Schrijf je je in voor de nieuwsbrief dan ontvang je het boek ‘Help, mijn kind is een alleengeboren tweeling‘ gratis.

Facebooktwitterlinkedin

ETEN OM TE OVERLEVEN

Eten om te overleven

Wist je dat alleengeboren tweelingen, dat wat zich in de baarmoeder heeft afgespeeld, hun hele leven herhalen? Vaak zijn het de dingen die als ‘een rode draad’ door hun leven lopen en waarvan ze niet begrijpen wat hier nu de reden van is. “Waarom doe ik dit en waarom overkomt mij dit altijd?!”

Eten delen? Echt niet!

Recent had ik een gesprek met iemand waarbij het kwartje na jaren eindelijk viel. Een persoon die nooit of te nimmer haar eten zal delen met een ander. Niet omdat ze egoïstisch is. Integendeel, ergens snapte ze het zelf ook niet. Maar eten delen, háár eten delen, dat doet ze niet vrijwillig. Sowieso is er een bijzondere liefdesverhouding met eten, geen haat, enkel liefde. Eten is heel belangrijk en neemt een centrale rol in binnen haar leven. Het liefst zou ze de hele dag door eten. Zoals een oude Romein; liggend aan tafel en alsmaar eten.
Kom niet aan haar bord met eten, durf er geen grapjes over te maken want ze doet je wat aan 😉 .

De sterkste wint en blijft in leven

Tijdens ons gesprek werd haar langzaam maar zeker iets duidelijk. Want waar kon deze ‘gekke gewoonte’ toch vandaan komen? Ik bedoel maar, iemand die verder heel sociaal is en graag helpt waar nodig is, die heeft dan zoiets bijzonders. Al ga je spreekwoordelijk dood van de honger, ze zal haar laatste hap niet aan jou geven. Daar wilde ze graag het fijne van weten.

We kwamen erachter dat zij, toen ze nog samen was met haar tweelinghelft, alle voeding tot zich heeft genomen. Het was in het hele prille begin waarbij er nog sprake was van innesteling. Mogelijk was het vechten om het beste plekje om zich in te nestelen, was er te weinig voeding, of wie weet wat voor oorzaak er nog meer geweest kan zijn waardoor het van levensbelang was om ‘te vechten’ voor eten.
Het was een wedstrijd, de sterkste zou winnen en het overleven. Zij is als winnaar uit de bus gekomen en heeft deze drive om voor eten te vechten nog altijd in zich. Toen ze dit inzicht helder had en wij ermee hadden gewerkt kon ze het beter begrijpen en hanteren en werd de drang naar eten, en dit voor zichzelf houden, veel minder.

Asociaal gedrag

Het is een issue dat ik vaker tegen kom bij alleengeboren tweelingen. Met eten mag je niet spotten. Dat is een hele serieuze zaak. En als je je realiseert waar dit gevoel, deze overtuiging, vandaan komt dan klopt dat ook. Er was een moment dat het erop of eronder was. Een kwestie van leven of dood. En hoe beschaafd we ook zijn als mens, in ons prille begin spelen er andere instincten een rol en bestaat er niet zoiets als sociaal of empathisch zijn. Het gaat erom dat jij kan gaan groeien tot een volwaardig mens, dat je niet dood gaat, en daar doe je werkelijk alles voor.

Nooit genoeg

Realiseer je dat deze mensen in hun hele leven vaak in tekorten denken. Er is nooit genoeg voor iedereen. Deze gedachte, met alle gevoelens die daarbij horen, komt voort uit een pril moment dat er daadwerkelijk sprake was van een tekort.  Een tekort in een behoefte die van levensbelang was, voedsel. Die overtuiging zit heel diep ingebakken. Hun laatste kruimeltje brood eten ze liever zelf in plaats van het jou te geven. Totdat ze doorhebben waar deze gewoonte vandaan komt, dan ontstaat er ruimte voor verandering.

©Aranka Reeuwijk

 

ps. Er zijn ook alleengeboren tweelingen waarbij dit precies andersom is. Deze mensen geven liever alles weg en geven zichzelf te weinig voeding. Dat is de andere kant van het bijna zelfde verhaal.

 

Facebooktwitterlinkedin